Logo CC Transp

 

20140530 Nachtwandeling door Zutphen 0007

 

Zatedagavond 24 maart 2007, De Johannes Passion (BWV 245), van Johann Sebastian Bach

Zatedagavond 24 maart 2007, De Johannes Passion (BWV 245), van Johann Sebastian Bach.De Johannes Passion is een muzikale vertelling van het lijden en sterven van Jezus volgens het Evangelie naar Johannes.

Johannespassion-1

De bewening van Christus
 
De Johannes Passion is een muzikale vertelling van het lijden en sterven van Jezus volgens het Evangelie naar Johannes.


Rogier van der Weyden, Zuid-Nederlands schilder (1400 - 1464).
Links naast Christus zijn Maria en de evangelist Johannes afgebeeld.

Geschiedenis 

Bach schreef de Johannes Passion in 1724 in drie maanden tijd. Op 7 april van dat jaar, Goede Vrijdag, werd de Johannes Passion voor het eerst uitgevoerd in de Thomaskirche in Leipzig. Een jaar later verving hij het openingskoor door een ingetogen koraalbewerking, waarschijnlijk omdat er kritiek op de (te uitbundige) muziek was gekomen. Bach bleef wijzigingen aan de Johannes Passion aanbrengen, zodat er tegenwoordig vier verschillende versies bestaan (naast die uit 1724 en 1725 is er ook een versie uit 1728 en 1749).

Vergelijking met de Matthäus Passion

De Johannes Passion wordt vaak vergeleken met de Matthäus Passion, die Bach enkele jaren later zou schrijven. In vergelijking met de Matthäus Passion, is de Johannes Passion muzikaal wat feller, maar tegelijkertijd ingetogener. Zijn voor de Matthäus Passion twee orkesten en twee koren nodig: bij de Johannes Passion volstaat een kleiner orkest en één koor.

Bach volgt vrijwel letterlijk de teksten van het Evangelie naar Johannes. Op twee plaatsen brengt hij een kleine toevoeging uit het Evangelie naar Mattheüs aan (het wenen van Petrus nadat de haan gekraaid heeft en het scheuren van het voorhang in de tempel, de aardbeving, het splijten van de rotsen en de opstanding van de gestorvenen na de dood van Jezus). Hierdoor ligt het accent in de Johannes Passion minder op het lijden van Jezus. Jezus komt meer over als een krachtige persoonlijkheid die een boodschap te vertellen heeft dan als het trieste slachtoffer in de Matthäus Passion. Veel aandacht wordt besteed aan de beschrijving van het proces van Jezus.

Opbouw

De eerste noot van het openingskoor spelen de houtblazers een driestemmige es, d en g: dit staat voor Soli (es) Deo (d) Gloria (g): Bach draagt de compositie direct op aan God.

Ook op andere plaatsen in de Johannes Passion maakt Bach gebruik van muzikale symboliek. Zo is het moment dat Pontius Pilatus zwicht voor de druk om Jezus ter dood te brengen het centrale punt. Vanuit dit koraal, Durch Dein Gefängnis, Gottes Sohn is de opbouw van de Johannes Passion symmetrisch opgebouwd: hiermee (en door het relatief korte eerste deel en langere tweede deel) geeft Bach een kruisvorm aan.

BachJohann Sebastian Bach  (1685 - 1750)

Johann Sebastian Bach (Eisenach 1685-Leipzig 1750) was een Duits componist,organist, klavecinist, violist en dirigent van barokmuziek. Hij wordt algemeen gezien als één van de grootste en invloedrijkste componisten uit de geschiedenis van de klassieke muziek. Hij studeerde bij zijn broer Johann Christoph, waar hij als negenjarige wees woonde. Johann Christoph ontdekte het grote muzikale talent van zijn jongere broer. Toen hij 15 jaar werd, vertrok hij naar Lüneburg. Aanvankelijk zong hij daar in het koor, later speelde hij viool, orgel en clavecimbel in het orkest. In ruil daarvoor ontving hij gratis onderwijs.

Bach componeerde al op jonge leeftijd. In die tijd was het verschil tussen componist en uitvoerend musicus ook niet zo groot als in deze tijd het geval is. 

 

De jonge Bach onderging veel verschillende muzikale invloeden. Bij zijn broer Johann Chistoph leerde hij de stijl van de midden en zuidduitse muziek kennen, tijdens zijn verblijf in Lüneburg kwam hij in aanraking met Noord-Duitse muziek. Aan het hof van het nabijgelegen Celle traden regelmatig Franse musici op en Bach was in de gelegenheid deze uitvoeringen bij te wonen. In Lüneburg bevond zich bovendien een rijkvoorziene muziekbibliotheek en de begaafde en nieuwsgierige jonge Bach heeft veelvuldig gebruik gemaakt van de uitgebreide collectie om zijn kennis van composities van toondichters uit geheel Europa te vergroten. Die composities leerde hij goed kennen door ze over te schrijven. Nog altijd is dit een beproefde methode om je te verdiepen in de karakteristieken van een bepaalde compositie. In de achttiende eeuw moest je een stuk bovendien wel overschrijven als je het in je bezit wilde hebben, want weinig muziek verscheen in druk.

 

Toen Bach in 1703 Lüneburg verliet had hij dan ook een grote kennis van de meest uiteenlopende stijlen van componeren. Zijn eigen beheersing van dat vak was groot. Sommige musicologen menen dan ook dat de in 1985 ontdekte koraalbewerkingen voor orgel al in Lüneburg zijn ontstaan. In 1703 was Bach een aantal maanden violist in de hofkapel te Weimar. Uit het feit dat hij deze post al snel opgaf voor die van organist in Arnstadt blijkt dat het orgel zijn voorkeur genoot. Vanuit Arnstadt ondernam Bach een reis naar Lübeck om daar Buxtehude te horen. Diens muziek boeide hem enorm. In 1707 verliet Bach Arnstadt om organist te worden in Mühlhausen. Kort voor de verhuizingen huwde hij zijn achternicht Maria Barbara. In Mühlhausen componeerde Bach cantates, onder meer voor liturgisch gebruik. Ook muziek voor clavecimbel en orgel ontstond in deze tijd. Lang bleef hij niet in Mühlhausen. In 1708 zien we hem voor de tweede maal in Weimar, wederom als violist.

 

In 1714 werd hij bevorderd tot concertmeester; een benoeming tot kapelmeester ging aan hem voorbij. Een dergelijke functie werd hem in Köthen aangeboden en van 1717 tot 1723 was Bach daar als zodanig werkzaam. Zoals gezegd vormden scheppende en uitvoerende toonkunst in de achttiende eeuw een geheel; Bach componeerde dan ook in Weimar en Köthen veel muziek voor allerlei instrumentale bezettingen. Uiteraard maakte hij ook daar kennis met muziek van andere componisten. Italiaanse muziek  vooral die van Vivaldi had invloed op zijn manier van componeren. Opvallend is dat Bach al de invloeden die hij van jongs af aan onderging wist samen te smelten tot een stijl die invloeden verraadt maar tegelijkertijd onmiskenbaar het stempel dragen van een unieke componist.

 

In Köthen overleed Nina Barbara in 1720. Een jaar later hertrouwde Bach met Anna Magdalena Wülcken. Ook in Weimar en Köthen componeerde Bach voor orgel en clavecimbel. Kerkelijke composities namen een kleinere plaats in. Dat genre kwam pas na 1723 volledig aan bod. Vanaf dat jaar was Bach namelijk cantor van de Thomaskerk te Leipzig. In die functie was hij belast met het componeren en uitvoeren van kerkmuziek. Koor en orkest bestonden uit leerlingen van de Thomasschule en uit studenten van de universiteit, een jaarlijks wisselende groep. Het uitvoeren van Bach's vaak gecompliceerde muziek leverde de nodige technische en muzikale problemen op. Naast zijn tijdrovende werk als cantor had Bach ook nog verplichtingen als docent aan de Thomasschule en als leider van een "Collegium Musicum". In Leipzig componeerde Bach veel: cantates, passionen, de Hohe Messe, allen voor 1iturgisch gebruik. Ook vond hij tijd voor het componeren van kamermuziek en werken voor orgel en klavecimbel. Als leraar werd hij veelgevraagd.

 

In de laatste jaren van zijn leven ging zijn gezondheid sterk achteruit. Langzamerhand werd hij blind. Ook werd hij tweemaal door een beroerte getroffen. Toen hij stierf liet hij een enorm oeuvre na, dat vooral vanaf de tweede helft van de 19e eeuw sterk in de belangstelling kwam.

 

Bachs betekenis voor de ontwikkeling van de toonkunst is bijzonder groot. Hij beheerste twee absoluut verschillende stijlen: de oudere polyfonie en de nieuwere monodie. In zijn vocale kerkmuziek vinden we onder andere elementen van de Italiaanse opera terug, in zijn kamermuziek die van de Franse en Italiaanse kunst. In zijn orgelwerken toont hij zich grootmeester der contrapuntiek. De grote herleving van zijn kunst is begonnen in 1829 met de uitvoering door Mendelssohn van de Matthäus Passion. Zijn meest bekende werken zijn: Brandenburgse concerten; Johannses Passion; Matthäus Passion.

 

In deze werken wordt de unieke en zeer persoonlijke synthese tussen componeer-technisch vakmanschap én sterke emotionele zeggingskracht heel manifest en duidelijk. Het etiket 'geniaal' is op deze componist dan ook zeker van toepassing.

De uitvoerenden

De muzikale leiding is in handen van Emile Engel. De uitvoering door projectkoor Concenstus Cantzione zal worden ondersteund door zes professionele solisten en door het orkest Il Concerto Barocco, bestaande uit 20 professionele musici.

 

Concertkaarten

 

Concertkaarten zijn te bestellen bij:

Via deze website

de balie van de Hanzehof in Zutphen

telefonisch bij de Hanzehof, telefoonnummer 0575 - 512 013,

tussen 11h00 en 16h00 op werkdagen

via de internetsite van de Hanzehof:   www.hanzehof.nl

bij Music All In, Beukerstraat 24, te Zutphen

via de koorleden

via het orkest Il Concerto Barocco.  www.ilconcertobarocco.nl

 

Adverteren of meer informatie

 

Voor het bestellen van een advertentie voor in het programmaboekje

(tot uiterlijk 23 februari 2009)

meer inlichtingen: stuur een email naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Toekomstige concerten

De volgende jaren vinden onder verantwoordelijkheid van de Stichting Projectkoren Zutphen weer projecten plaats. Dit kan bijvoorbeeld: Ein Deutsches Requiem van Brahms, Die Schöpfung van Haydn, Die Jahreszeiten van Haydn, Requiem van Duruflé of van Verdi, Carmina Burana van Orff of de Johannes Passion van Bach zijn.

Toekomstige projecten vinden ook steeds op projectbasis plaats. Geen vaste koorbezetting maar elk jaar opnieuw te vormen met dezelfde of andere zangers.